Begeleidt de activiteit

Je hebt tijdens de vorige opdracht de activiteit goed voorbereid. Nu ga je de activiteit uitvoeren en de deelnemers daarbij begeleiden. Tijdens deze opdracht laat je zien hoe je dat doet. Je werkt tijdens de uitvoering van de activiteit eventueel samen met collega’s.

Wat moet je doen?
• Start de activiteit en motiveer gasten om mee te doen.
• Bewaak de kwaliteit en voortgang van de activiteit.
• Bewaak de veiligheid van de activiteit, let op onveilige situaties.
• Onderneem actie bij een ongeluk, incident of calamiteit.
• Spreek gasten aan op onveilig gedrag en laat daarbij overwicht zien.
• Bedenk een oplossing als er een probleem is.
• Ga bewust om met materialen en middelen.
• Overleg regelmatig met collega’s en schakel op tijd hulp in.

Waar moet je op letten?
• Pas je taalgebruik, toon en gedrag aan op de gasten.
• Werk op een enthousiaste en motiverende manier.
• Let op de tevredenheid van de gasten.
• Werk volgens de veiligheidsvoorschriften tijdens het observeren van de activiteit.

Vraag een of meerdere collega’s je te observeren met behulp van dit observatieformulier.