P3-K1-W1 Je maakt een draaiboek

Je stem de activiteit (of activiteiten(programma) af met je praktijkbegeleider, vóórdat je aan opdracht 1 begint. Als je voorstel is goedgekeurd kun je aan de slag met je draaiboek.

Wat moet je doen?

  • Maak een draaiboek voor je activiteit(en). Let op de volgende punten:
  • Zorg dat de activiteit is afgestemd op de
  • Houd bij het opstellen van de activiteit rekening met de
  • Zorg dat je draaiboek is afgestemd op de beschikbare tijd, medewerkers en
  • Zorg dat je alle benodigde materialen hebt (denk aan promotiemateriaal, een inschrijflijst en een deelnemerslijst).
  • Laat in je draaiboek zien wie van de medewerkers waarvoor verantwoordelijk is, welke taken daarbij horen en welke materialen daarbij nodig
  • Stuur alle medewerkers regelmatig een
  • Stem je draaiboek af met je
  • Verwerk de feedback van je collega’s.

Het resultaat is:

  • Een draaiboek voor het organiseren van je activiteit met daarin:
  • Een activiteitenprogramma
  • Een doelgroepenanalyse
  • Een onderbouwing hoe je in je activiteitenprogramma rekening hebt gehouden met beschikbare medewerkers en
  • Een onderbouwing hoe je in je activiteitenprogramma rekening hebt gehouden met de bedrijfsrichtlijnen.
  • Een uitleg van de materialen, middelen en faciliteiten die je nodig
  • Een uitleg van het aantal medewerkers dat je nodig
  • Het promotiemateriaal dat je gaat

Wat moet je inleveren? Een draaiboek voor een activiteit. Zet daarin de volgende punten: de regels van het bedrijf/examenlocatie de doelgroep geschikte medewerkers tijd faciliteiten materialen en middelen (waaronder inschrijflijst/deelnemerslijst) veiligheidsaspecten (toezicht-,)

Dit bericht is gepost in Niet gecategoriseerd. Bookmark de link.