1. Je interpreteert en ordent gegevens en rapporteert je bevindingen.
- Selecteer een dossier en bepaal of het dossier volledig is.
- Beschrijf hoe een dossier is opgebouwd en op welke manier de gegevens geordend zijn.
- Leg in eigen woorden uit op welke wijze je vaststelt of gegevens wel of niet opgenomen moeten worden in een klantdossier.
- Maak een overzicht van de status van een dossier en leg aan je collega uit welke vervolgactie moet worden ondernomen en waarom.
2. Je bepaalt op basis van de dossiergegevens welke actuele wet- en regelgeving van toepassing is.
- Leg uit welke wet- en regelgeving van toepassing is voor een bepaald dossier.
- Controleer of je over de juiste en meest actuele wet- en regelgeving beschikt.
- Kies een bron over de meest actuele wet- en regelgeving en stel vast of deze betrouwbaar is.
- Informeer de klant over de gevolgen van de wet- en regelgeving die van toepassing is op het dossier.
- Beschrijf de procedure van een dossier die gevolgd moet worden. Geef op basis van de wet- en regelgeving aan welke vervolgacties ondernomen moeten worden.
3. Je wint advies van derden in.
- Geef aan de hand van minimaal vijf dossiers een beschrijving van situaties waarin je advies van derden hebt ingewonnen. Leg uit waarom je bij klantdossiers advies hebt ingewonnen bij derden.
- Stel per onderwerp in een dossier vast welke functionaris binnen de organisatie jou advies kan geven.
- Beschrijf drie situaties waarin je advies hebt ingewonnen bij een andere organisatie.
- Stel een lijst op van personen aan wie je advies kunt vragen over onduidelijkheid over wet- en regelgeving in een dossier.